12 september 2003

IN MEMORIAM VICE-ADMIRAAL BEREND (Bert) VELDKAMP.

Op donderdag 11 september 2003 waren Piet Bakker,Joost Gieskes, Bert Meily, Ellen en Fred de Bree en Hans van den Bos aanwezig tijdens de Gedachtenisdienst in de Kloosterkerk aan het Lange Voorhout 2 te 's-Gravenhage.

De dienst werd bijgewoond door vele prominenten o.a. ex-minister Toxopeus, de huidige BDZ Admiraal Klaver, de Chef Defensiestaf Admiraal (4 sterren) Kroon etc., etc.
De kist werd gedekt door een boeket van 57 rode rozen waarin 6 witte rozen (symboliserend de jaren dat hij gehuwd was met zijn vrouw Bini Veldkamp-Bruinsma en de zes kinderen die ze samen hebben gekregen, waarvan de eerste bij de geboorte is overleden).
Het prachtige rouwboeket van de Promotie-1950 (Nederlandse & Indonesische Adelborsten) voorzien van een lichtgroen lint, waarop duidelijk te lezen was "Promotie 1950", lag prominent vooraan op de treden van de verhoging waar de kist stond opgebaard.
Tijdens de anderhalf uur durende dienst werd gesproken door zijn oudste dochter Nienke Dronkert-Veldkamp, een jongere broer van Admiraal B. Veldkamp: F. Veldkamp en door een jaargenoot K. de Way (Ktz. bd).
Uit de diverse toespraken bleek dat Berend de oudste was van 8 kinderen (vier jongens en vier meisjes) uit een gereformeerd dominee's gezin in Groningen. Zijn vader heeft tijdens de 2e WO gevangen gezeten omdat hij het van de kansel opnam voor de joodse gemeenschap in Nederland.
B. Veldkamp (6-november-1921) ging na het behalen van zijn gymnasium diploma naar het KIM in september 1939, nadat de toenmalige Minister-President Colijn hem had verzekerd: " De Marine heeft goede mensen nodig". Bij het uitbreken van de oorlog op 10 mei 1940 werd een deel van hun jaar op schepen geplaatst en ontkwam naar Engeland. De rest, waartoe Veldkamp behoorde, bleef achter voor "defensietaken".
Op 12 juli 1940 werden alle in Nederland verblijvende Adelborsten naar huis gezonden met een op hun naam gestelde verlofpas met de vermelding: "ingaande 15 juli 1940 onbepaald verlof in afwachting van ontslag". Daardoor is hun de keuze tussen wel of niet tekenen van de erewoordverklaring bespaard gebleven. Dit was wellicht een initiatief van V-adm. Jhr. G.L. Schorer, voorzitter van de commissie tot examineren van Officieren en Adelborsten. Deze erewoordverklaring werd door de Duitsers aan alle Nederlandse beroepsmilitairen voorgelegd. Weigering betekende onmiddellijke krijgsgevangenschap. (zie: "Officieren achter prikkeldraad 1940-1945", Leo de Hartog, uitgev. Hollandia 1983 en artikel Ph. M. Bosscher in NRC 1993).
Op 15 mei 1942 moesten alsnog alle beroepsmilitairen (ook zij die de erewoordverklaring hadden getekend) zich melden. Veldkamp fietste naar Assen waar het depot van melding was. Zijn fiets die hij een paar maanden eerder van een Duitser had ontvreemd, werd de volgende dag door een Duits militair thuis terug bezorgd. Als ze van de diefstal hadden geweten was dit zeker niet gebeurd!
De krijgsgevangenschap liep af op 28 april 1945. Snel werd het KIM afgernaakt en op 30 juni 1945 volgde de benoeming tot Ltz. 3. Op 1 juli 1946 Ltz. 2, dezelfde rang die zijn naar Engeland uitgeweken jaargenoten reeds sedert 1 april 1944 bezaten. Met de bevordering tot Ltz. 1 op 1 juni 1953 liep geheel Promotie 1939 weer "in de pas". Veldkamp raakte betrokken bij de tweede politionele actie waar hij op de RP 120 de leiding had over "groep C", bestaande uit RP 120, tien LCVP's en de tongkan B. Op 20 december 1948 werd de Bilarivier aan deOostkust van Sumatra opgevaren waarbij nabij Pangkalan 175 militairen aan wal werden gezet. (zie: "Operaties in de Oost, de Kon. Marine in de Indische Archipel 1945-1951; R.E. v. Holst Pellekaan, De Bataafsche Leeuw, 2003).
Op 7 augustus 1950 trad Veldkamp aan op het KIM om divisiechef te worden van Promotie-1950 die op 11 september arriveerde. Als Ktz was B. Veldkamp de Iaatste commandant van het vliegdekschip Hr. Ms. "Karel Doorman". Hij stelde het schip uit dienst op 9 oktober 1968. Op I maart 1979 ging hij als Bevelhebber der Zeestrijdkrachten met functioneel leeftijdsontslag en vrij snel daarna werd hij benoemd tot Staatsraad (lid van de Raad van State). Deze hoge post bekleedde hij tot september 1991. Om deze job goed te kunnen vervullen is hij rechten gaan studeren.
De 3 sprekers tijdens de dienst memoreerden Veldkamp's bescheidenheid, betrouwbaarheid, zijn trouw en integriteit. Hij liet anderen in hun waarde en wist te luisteren. Zijn motto gedurende zijn leven was: `Als iets op je pad komt, doe wat je moet doen en doe het goed".
Ook gedurende de laatste maanden toen duidelijk werd dat hij ongeneeslijk ziek was bleef hij belangstelling houden voor zijn familie, vrienden en omgeving. Hij wilde niet praten over zijn ziekte. Hij zei steeds als er naar gevraagd werd: "Maak je om mij geen zorgen, met mij gaat het goed, alleen mijn lichaam wil niet meer".
Een dankwoord uitgesproken door zijn oudste zoon Herman VeIdkamp beeindigde deze indrukwekkende dienst. De teraardebestelling heeft daarna in k1eine familiekring plaatsgevonden op de begraafplaats Oud Eik en Duinen te 's-Gravenhage.
Onze divisiechef die indertijd zonder dralen het voorwoord in ons Jaarboek schreef is niet meer. Met grote eerbied en dankbaarheid zullen we hem blijven gedenken.
Hans van den Bos.


BLO fecit 20031031